KOEN VANMECHELEN - ELKE DAG STELLEN DIE KIPPEN MIJ 1000 VRAGEN

🕔31 Jul 2019 17:03

Herinneringen uit het archief.
Gesprek met Fred Bervoets in 2007 verschenen in Isel Magazine nr 16 2007
Tekst: Kurt Van Eeghem
Foto's: Erwin Maes


Elke dag stellen die kippen mij duizend nieuwe vragen…’

Zonder gps had ik de woning van Koen Vanmechelen nooit gevonden. Zelfs mét is het een hele onderneming om door te dringen in het abstracte stratenplan van Meeuwen-Gruitrode. Maar mijn zoektocht wordt beloond met een heerlijke ochtendzon die de nevelen van de nacht dapper verwijdert tussen heerlijke bossen en landerijen. Bij de luchtige woning hoort een flinke hectare grond waarop naast duizenden kippen ook enkele alpaca’s en lama’s huizen.

Koen begroet mij met een joviale lach. Er zijn de pikzwarte haardos en de getaande huid zodat je zou kunnen aannemen dat er flink wat Spaans bloed door de aderen stroomt. De jukbeenderen stammen dan weer overduidelijk uit een andere Europese hoek. ‘De bastaard is de schoonheid van ons zijn,’ zegt hij mij even later wanneer we ontbijten in de tuin, ‘als wij ons ontrafelen, zijn we een mengeling van alles…’


Superbastaard

Het is nog vroeg en de kippen kakelen een concert bij elkaar dat helder weerklinkt in de ontneveling van de dag. Een wonderlijke kakofonie met uiteraard het hoge staccato van de Europese haan die ons al zo vaak heeft gewekt, maar daaronder horen we ook de ruige huig die uit andere streken naar hier is gekomen. Af en toe is er zelfs de extra lange uithaal van een Turkse haan die weerklinkt als de oproep van de muezzin voor het gebed ergens in Izmir. ‘Zo zie je maar dat ook kippen zich aanpassen aan hun omgeving’, verduidelijkt Koen.

‘De haan heeft het signaal. Hij kondigt de dag en de nacht aan. Ik moet ingaan op dat signaal, dat zijn de spanningen waarop mijn project draait.’
Dat project is The Cosmopolitan Chicken. Koen Vanmechelen besloot om een universele kip, een superbastaard te kweken. Hij kruiste verschillende nationale kippenrassen afkomstig uit de hele wereld. Het begon met de Mechelse Koekoek en de Poulet de Bresse. Zij brachten de Mechelse Bresse tot stand. Toen kwamen de English Redcap, de Jersey Giant, de Nederlandse Uilebaard in het verhaal en zo is hij nu bij een tiende generatie beland.

‘De oerkip werd gedomesticeerd door de mens. Toch kunnen we ons de vraag stellen of het nu wel de kip was die naar ons kwam of dat wij het waren die naar de kip zijn gegaan. Dat is een belangrijke vraag in mijn werk, want misschien wil de kip ook iets aan ons vertellen. Kijk naar de mythologieën: als de haan drie maal kraait bijvoorbeeld, en zo zijn er nog voorbeelden te over. Wat de mens vaak vergeet, is dat hij zelf onderdeel van de natuur is. De mens is niet het middelpunt en zal dat nooit worden, dat is een illusie. Dus moeten wij goed zijn voor de natuur. Absoluut. Maar wij moeten niet de pretentie hebben om met de natuur te willen communiceren vanuit de controle. Het is de natuur die steeds de controle behoudt. Dat is trouwens altijd zo geweest en dat zal altijd zo blijven.’


De deur van de bovenkamer

Koen Vanmechelen praat makkelijk, de woorden zitten meteen klaar. Dit project is dan ook de zin van zijn kunstenaar zijn.
‘Ik ben er nu vijftien jaar mee bezig en kom er sinds een decennium mee naar buiten. Er zijn nu tien generaties gekruist en geloof me, we mogen ons genetisch materiaal niet onderschatten. Mijn project bewijst dat dit materiaal op een andere, soms betere, manier terugkeert.’
Daarvóór was hij al bezig met de Walking Egg wat ook al een uiting van genetische inspiratie was. In zijn huiskamer is die evolutie goed te volgen, overal hangen woeste tekeningen en schilderijen van embryo’s. Het zijn grillige, maar uiterst trefzekere impressies waarin hij met de drie hoofdkleuren wonderlijke contrasten creëert.
‘De techniek, het tekenen, moet je continu oefenen, maar soms moet je ook ontvangen.’

Ik kijk hem verbaasd aan.
‘Vanaf het moment dat je aan het universele bent aangehaakt, komt er een heel eigen stroom op gang. Het is belangrijk dat je gedurig anticipeert op de continue klopjes uit je bovenkamer. Daarom moet je die deur steeds openhouden. Het is heerlijk wanneer het gebeurt want dan moet je niet meer denken, dan komt het werk vanzelf. Pas als je dit kunt beleven, ben je bezig met kunst. Het zijn momenten van opperste verbazing en verwondering. Dan maak ik zo’n tekening in enkele minuten doordat de tekening zichzelf maakt.’

 


Gewekt door zijn onderwerp

Bart De Baere, conservator van het Antwerpse MuHKA, sprak onlangs tijdens een vernissage zijn bewondering uit voor de vasthoudendheid van de kunstenaar omdat hij zich zo concentreert op dat ene onderwerp, dat ene project. 
‘Het gaat over het leven zelf, ik kan daar niet van afwijken. Elke dag stellen die kippen mij duizend nieuwe vragen. Ik moet mij haasten om er een antwoord of toch op zijn minst een commentaar op te geven. Het project is ook jonger dan mezelf. Het begon met die foto’s van mijn oog tegenover dat van de kip. En kijk, mijn oog wordt ouder, maar dat van de kippen blijft altijd even fris. Het gevaar is er continu dat een kunstenaar zijn werk inhaalt en gaat navelstaren. Je moet erbij zijn. Met dit project is dit gevaar totaal afwezig.’

Gedrevenheid is de motor die Koen Vanmechelen beweegt. Elke dag wordt hij gewekt door zijn onderwerp.
‘De haan heeft het signaal. Hij kondigt de dag, de nacht aan. Ik moet ingaan op het signaal, dat zijn de spanningen waarop het project draait. Want hanen en kippen geven het ritme aan en dat is niet altijd eenduidig: aan de ene kant geeft de kip zich, aan de andere revolteert ze. Dat is interessant, dat zet me aan het denken.’



Esthetica van het beest

Wanneer we langs de prachtige koterijen lopen waarin het project gestalte krijgt, door de vele kweekprogramma’s, de talloze perken waarin de verschillende gekruiste kippen scharrelen, langs de perfect uitgeruste broedplaatsen, de uiterst verzorgde hokken, dan besef ik maar al te goed dat elke dag voor Koen Vanmechelen toch weer begint met fysieke arbeid: het verzorgen van zijn onderwerp in een soort dankbaarheid omdat het ook hem verzorgt.

‘De vroege lente zorgde dit jaar al heel vroeg voor kuikens, maar voorts heeft dit geen invloed op hen. De domesticatie maakt de dieren wel veel minder scherp. De oerkip, ja die blijft steeds scherp. Kijk, de oerkip legt in het seizoen om de twee dagen een ei, dan zit ze continu te broeden. Maar dat zijn maar heel weinig eieren per jaar. Onze industriële kippen, dat is andere koek, die zijn omgebouwd tot legmachines. Die moeten minstens twee maal per dag een ei leggen.’

We wandelen verder langs een weide waar alpaca’s en lama’s staan.
‘Zij interesseren mij omwille van de genetica die heel veel met die van de kip te maken heeft. Ik wil daar in de toekomst zeker iets mee doen.’
In opeenvolgende hokken lopen statig en parmantig trotse hanen in de meest tot de verbeelding sprekende kleuren.
‘Er is de esthetica van het beest –ze zijn ronduit prachtig van vorm, van kleur, van lijn– maar er is ook de inhoud. Ik maak een statement door te zeggen dat die inhoud wordt gevormd door verschillende elementen. Vorm komt door de druk van de omgeving. Hoe groter die druk, hoe anders de vorm. Vanuit de vermenging, de kruising, kom ik details te weten. Ja... ik hou van de bastaard. Dat is de kern van mijn project. En zoals alles is het ook politiek. Ik zie ook wel de problemen, daar niet van, maar ik geloof dat de multiculturaliteit een vervuilde term is. We moeten altijd naar de evolutie kijken, naar waar we willen eindigen onderweg. Want het gaat maar door. Daarom moeten we scherp blijven en steeds nieuwe formuleringen maken over onszelf, want hoe je het ook draait of keert, we moeten met elkaar verder. We kunnen niet anders. We moeten leren veel meer van elkaar te aanvaarden. Als we niet in staat zijn om dat opnieuw te formuleren, geven we voeding aan de negatieve invloeden. Kijk, als ik een vechthaan tussen mijn kippen aanbreng, dan vermengt hij zich en past zich aan. Wat niet wil zeggen dat hij er niet is, want dat kunnen we niet ontkennen, dat beest is daar echt. Het is dus een metafoor voor onze samenleving: Cosmopolitan Chicken is een wereld naar de onze. Zo lees ik in dit project de samenleving. Wat het tot kunst maakt is wat ik er als kunstenaar samen met de kip aan toevoeg. Wij zijn bondgenoten.’


Koen eet kip

Koen Vanmechelen tekent, schildert, maakt beelden en vormen, en overal ter wereld staan er installaties van zijn hand. Op zijn kantoor staan duizenden dvd-opnames en evenzoveel foto’s van zijn dieren. Het hele project wordt zorgvuldig gerepertorieerd. De gegevens zitten opgeslagen in de computer volgens een ingenieus concept waarbij hij moeiteloos trajecten van het project kan oproepen. Zo kan hij heldere lezingen ontwerpen waarmee hij de wereld rondtrekt, want Koen Vanmechelen leeft op wanneer hij zijn passie kan delen.
‘We moeten ons druk maken over de universele dingen. Het is onze taak om het groter te zien. We kunnen toch van Vlaanderen alleen niet leven. Natuurlijk moeten wij ons zorgen maken over de frustraties in de samenleving, maar de oplossingen zijn ongemeen boeiend. Ik weet dat mijn werk niet ongevaarlijk is, maar ik kan daar niets aan veranderen. Het gevaar zit in het feit dat ik de samenleving bloot leg.’
Verschillende installaties spelen met het feit dat de mens, ook Koen Vanmechelen, kippeneters zijn.
‘Iedere afstand die er gecreëerd wordt tussen de consument –de mens– en het slachtoffer –de kip– is gevaarlijk. In de rekken van de winkels liggen de kippen gefileerd, de consument weet niet meer hoe het dier eruitziet, dat het beenderen heeft en een kop en poten. Zie je, afstand is makkelijker, we gaan er ondoordacht mee om. Cosmopolitan Chicken vertelt ook een economisch verhaal. Het is het relaas van de diversiteit en niet van de multipel. De productie is bij mij het prototype. Als je twee verschillende rassen kruist, is er geen enkele kip hetzelfde, terwijl men in een economische omgeving er net naar streeft om steeds een identiek exemplaar te maken.’

Het werk van Koen Vanmechelen is op dit moment zowat overal te zien. Er is een nieuwe installatie in galerie Mercator in Antwerpen. Maar ook in het Centraal Museum van Utrecht, in de Williams Gallery in Turijn en op twee verschillende plaatsen in Venetië is er recent werk te zien. In het glazen huis van Lommel en in de Verbeke Foundation in Kemzeke kunnen we naar installaties kijken.
‘En dan vergeet ik er wellicht nog een paar. Ik hol van hier naar daar en geef veel lezingen, wat ik dolgraag doe. Maar ik moet ook aan mijn project werken. Dat gaat voor alles. Ik ben niet bang om te werken, een kunstenaar móét werken. Een kunstenaar werkt trouwens altijd. Het werk houdt nooit op, je kunt de deur niet achter je dichttrekken en zeggen: nu stop ik er eventjes mee. Dan ben je een ambtenaar. Een kunstenaar die niets doet, bestaat niet. Het is inspiratie en transpiratie. Gedurig. Een kunstenaar rust niet.’

Ik laat hem verder doen en terwijl ik naar de auto wandel, zie ik Koens prachtige vrouw. Ik kan het niet laten hem te vragen of hij nooit zin heeft om van haar een tekening te maken.
‘Zij verdient beter’, zegt hij.

Nieuwsbrief

Laatste Nieuws

KRIS MARTIN
EXIT

Van 19/05/2020 tot 03/01/2021 S.M.A.K. - GENT

TIM VOLCKAERT
any solution is good for an answer

Van 04/06/2020 tot 16/08/2020 DE GARAGE - CC MECHELEN

HANS DEFER, MATTHIEU LOBELLE
& HANNE LAMON - What we do is secret

GALERIE S&H DE BUCK - GENT

AGNES GUILLAUME - Grounding Dreams
& MICHEL BUYLEN - The right Confusion

Van 14/05/2020 tot 28/06/2020 GALERIE DE ZWARTE PANTER - ANTWERPEN

Facebook